>> Homepage    >> Mijn fietsreizen    >> Overzicht beklommen cols    >> Hoogteprofielen Midden-Nederland    >> Links

Fietsen en wandelen op La Palma

(Klik op de foto's voor een vergroting!)
Reageren? Stuur me een E-mail!


Een vakantie naar een van de Canarische Eilanden is de ideale manier om de Hollandse winter te ontvluchten. Na een eerder bezoek aan Gran Canaria reizen we nu af naar La Palma, het meest westelijke van de Canarische archipel. Het eiland heeft prachtige bijnamen als La Isla Verde ("het groene eiland") en La Isla Bonita ("het mooie eiland"). Door het ontbreken van lange zandstranden trekt het een ander publiek dan bijvoorbeeld Gran Canaria. De meeste mensen komen er om te wandelen, maar het eiland biedt ook voldoende mogelijkheden voor een aantal uitdagende fietstochten.

Vulkaan Teneguía Santa Cruz Lavastroom San Nicolás Puerto de Tazacorte



Cols

In de tekst worden beklimmingen cursief weergegeven. De rode bergjes verwijzen naar het hellingprofiel en wat statistieken van de betreffende klim. Zie het col-overzicht voor informatie over al mijn beklommen cols.


Dagoverzicht

Dag 1: Fietsen halen in Puerto Naos
Dag 2: La Cumbrecita
Dag 3a: Mirador del Time
Dag 3b: Rondje Tacande
Dag 4: Los Canarios vv en de Teneguía
Dag 5: La Cumbrecita en El Pilar
Dag 6: Roque de los Muchachos

64 km
31 km
23 km
72 km
51 km
115km

2024 hm
824 hm
513 hm
1534 hm
1694 hm
3900 hm


Reisverslag

Dag 0

Op het vroege tijdstip van half zes stijgen we op van luchthaven Schiphol. Als we vier en een half uur later het vliegveld van Santa Cruz naderen, zien we de rotsige kust van eiland loodrecht uit de Oceaan verrijzen. Een indrukwekkend gezicht! Na de landing pikken we de bagage op en sluiten we aan in rij voor de huurauto. Hoewel er maar een paar wachtenden voor ons zijn, duurt het toch een dik uur voordat we in onze Open Corsa het vliegveld achter ons laten. In de tussentijd heeft Casper al een flinke wandeling gemaakt in de hal van de terminal, blij als hij is eindelijk uit het vliegtuig te zijn.


Bij de grote Lidl van Breña Alto slaan we flink wat boodschappen in. De felle zon en de temperatuur van tegen de 20 graden voelen weldadig aan! In totaal is het zo'n drie kwartier rijden naar het bungalowpark La Plantacion. Hiervoor moeten we de grote 1000 m hoge bergrug die over het eiland loopt oversteken: een hele klim! Eenmaal aangekomen blijken we zo vroeg te zijn dat men nog bezig is ons huisje schoon te maken. Na voor de zoveelste keer vandaag een tijd gewacht te hebben, strijken we eindelijk op onze bestemming neer.





Strand Puerto Naos



Dag 1: Fietsen halen in Puerto Naos


In de loop van de ochtend rijden we met de auto naar Puerto Naos, waar we racefietsen gehuurd hebben. Voor we de fietsen afhalen, nemen we eerst een kijkje op de boulevard en het strand. Als we het grijze lavazand zien, begrijpen we waarom La Palma niet geliefd is bij strandtoeristen. Bij Bike-Station La Palma halen we vervolgens onze twee Scotts op. Nieuw zijn de karretjes niet meer, maar we zullen er veel plezier van hebben. Zoals we al vreesden blijkt onze gehuurde Corsa te klein voor twee fietsen. Met Caspers kinderzitje op de bijrijdersstoel past er net één fiets in.


Jantine gaat met Casper in de auto terug naar het huisje, ik ga per fiets. Dit betekent een klim van zeeniveau naar zo'n 300 meter. Ik heb er zin in en ga er meteen vole bak vandoor. Vanaf Puerto Naos klim de weg met een aantal haarspeldbochten tegen een steile wand op. Het uitzicht op de kust mag er zijn. Daarna kom ik op een hoogvlakte waar de weg nog een paar kilometer stevig doorklimt. In korte broek en korte mouwen geniet ik van de felle zonnestralen. Eenmaal in Todoque zit het zware werk erop en bol ik rustig uit naar het huisje. En voor wat het waard is, de Strava KOM is binnen. Missie geslaagd...


Terwijl ik samen met Casper het park verken, maakt ook Jantine in de middag een testrondje. Samen fietsen zit er niet in met de kleine bij ons, we maken dus afzonderlijke tochtjes. Na een uurtje komt ze terug met enthousiaste verhalen over lavastromen die dwars door het landschap lopen. Klinkt goed!







Puerto de Tazacorte



Dag 2: La Cumbrecita | 64 km, 2024 hm

> Hoogteprofiel
> Routekaartje

Na het ontbijt vertrekt Jantine met Casper naar Puerto Naos om boodschappen te doen. Ondertussen prepareer ik me voor een fietstocht naar La Cumbrecita , een klim naar het hart van het eiland. Om precies 10 uur stap ik op de fiets. Eerst daal ik af naar Puerto de Tazacorte aan de kust. Daar gaat het jackje uit en begin ik aan de 20 km lange beklimming. Langs een riviertje klimt de weg eerst gemoedelijk omhoog. Aan mijn linkerhand verheffen zich de imposante kliffen van El Time. Na een paar kilometer buigt de weg naar rechts en verlaat ik al slingerend de kloof. Tussen de bananenplantages door win ik nu snel hoogte. Wegens werkzaamheden is de weg afgezet, maar met de fiets kan ik gelukkig eenvoudig passeren. Verderop wurm ik door de drukke hoofdstraat van Los Llanos met zijn vele stoplichten. Het stuk naar El Paso is zwaar. De weg stijgt onregelmatig met enkele zeer steile passages. In El Paso kom ik op de grote oost-west verbinding op het eiland. Bij een comfortabel stijgingspercentage kan ik nu lekker doorfietsen.

La Cumbrecita


Ik tref Jantine bij de afslag naar La Cumbrecita, waar het bezoekerscentrum ligt. Om met de auto naar boven te rijden heb je een permit nodig. We besluiten dat ik in elk geval omhoog fiets en dat Jantine kijkt wat ze kan regelen. Na een afdaling van ongeveer een kilometer begin ik aan de finale klim naar La Cumbrecita. Het blijkt een smal wegje dat door een geurig bos gestaag hoogte wint. Er zitten weinig bochten in, bergaf moet het hier flink hard kunnen gaan. De klim eindig met spektakel: flink wat slingers en een hoog stijgingspercentage. Ik ben nog geen halve minuut boven als Jantine belt. Over drie kwartier mag ze met de auto naar boven komen. Omdat ik geen zin heb om zo lang te wachten daal ik af tot bij de slagboom waar we op een mooi parkeerterrein lunchen.

Mirador bij La Cumbrecita


Na de lunch fiets ik voor de tweede keer naar de top. Als ik boven kom, is Jantine net gearriveerd. Met Casper in de rugdrager maken we vervolgens een mooie wandeling over de kraterrand. De uitzichten op de gigantische Caldera de Taburiente zijn fantastisch. Ooit was La Palma een reusachtige vulkaan, maar door opstijgend magma is de berg gespleten waarna het zuidwestelijke deel ervan in zee is geschoven. Nu rest een krater met een doorsnede van 10 km en een hoogte van op sommige plekken meer dan 2000 m. Na anderhalf uur lopen zijn we weer terug bij La Cumbrecita. Mezelf zo goed mogelijk afschermend voor een buslading Engelse bejaarden hijs ik me weer in mijn fietskleding. Bijna alleen maar dalend zoef ik met een voldaan gevoel terug naar La Plantacion.



Dag 3: Mirador del Time en rondje Tacande

> Hoogteprofiel
> Routekaartje

Halverwege de nacht wordt ik misselijk wakker. Bij het opstaan voel ik me nog steeds niet lekker. De verdenking valt op de blijkbaar verrotte aardappeltortilla waar ik gisteravond bij het diner een flink gat in geslagen heb. Niet in staat tot heldendaden trek ik me terug op bed. Ondertussen doen Jantine en Casper weer boodschappen in Puerto Naos. Als ze terug zijn is de kleine man zo brak dat we hem meteen weer in z'n bedje schuiven.

Op weg naar het Mirador del Time


Vandaag is het Jantines beurt om een mooie tocht te maken. Haar doel is de klim naar het Mirador del Time , bovenop het loodrechte klif bij Puerto de Tazacorte. De klim begint met een aanloopje over de bodem van de kloof. Het echte werk begint als de weg naar links buigt, tegen de steile rotswand op. Met flink wat haarspeldbochten slingert de weg omhoog. Langzaam ontvouwen zich prachtige uitzichten op de kust, het dal, en de hoogvlakte van Los Llanos. Een nadeel is dat het een doorgaande weg is, waardoor er veel verkeer aanwezig is. Op een smalle bochtige bergweg is dat geen pretje. Weer terug beneden in de kloof wachten nog de 200 hoogtemeters naar Los Llanos, waarna het uitfietsen is naar het bugalowpark.







> Hoogteprofiel
> Routekaartje

Ondertussen is Casper allang weer wakker en heeft hij met zijn peuterbeentjes het hele park overgelopen. Vooral trapjes hebben een enorme aantrekkingskracht. We zijn net weer terug bij het huisje als Jantine terugkomt. Ik voel me weer redelijk fit en besluit nog een uurtje te gaan fietsen. Het hoogteverschil naar de Alto de Tacande bedraagt ongeveer 400 meter. De klim bestaat uit lekker lopende wegen. Ik besluit echter een grote bocht af te snijden en via de verschrikkelijke Camino Jose Pons la Jurona te fietsen. Ik wist dat de klim steil was, maar hij blijkt ook nog eens onregelmatig te stijgen. Als ik de ene muur bedwongen heb zie ik de volgende alweer voor me opdoemen. Met een hartslag door het plafond en drijfnat van het zweet kom ik weer op de grote weg uit. En toch is het leuk, zo'n tussendoortje! De rest van de klim doe ik rustig aan. Het wijdse uitzicht op de kuststrook is een mooie beloning. Na wat dwalen in Los Llanos arriveer ik met 23 km op de klok weer bij het huisje.



Dag 4: Los Canarios en de Teneguía | 72 km, 1534 hm

> Hoogteprofiel
> Routekaartje

Weer wordt ik 's nachts verre van fit wakker. Ik ben snipverkouden en voel me rillerig. De flinke fietstocht die voor vandaag gepland staat, zie ik even niet zitten. Bij het opstaan voel ik me gelukkig weer wat beter. Na het ontbijt pak ik toch maar mijn spullen bij elkaar en vertrek voor een rit naar de zuidpunt van het eiland. Daar willen we een wandeling maken bij de in 1971 uitgebarste vulkaan Teneguía.

Lavastroom bij San Nicolas


De dag begint met 5 km klimmen naar San Nicolás . In het ochtendzonnetje is de klim een heerlijke warming-up. Een aantal keer steek ik weer de lavastroom van San Juan over. De San Juan is een van de drie vulkanen op La Palma die in 1949 uitbarstten. Grote lavastromen stroomden westwaarst het eiland af richting zee, alles verwoestend wat ze op hun weg tegenkwamen. De kale zwarte lavasteen met zijn onregelmatige vormen en scherpe randen is goed in het landschap te herkennen. Vanaf San Nicolás volg ik de verlaten kustweg naar het zuiden. Langzaam stijgt de weg naar een hoogte van 800 m. Toch bevind ik me op slechts een kilometer van de Oceaan. La Palma staat niet voor niets bekend als het steilste eiland ter wereld. Na een korte stop bij het fantastische Mirador de las Indias, waarvan het verhaal gaat dat je in de verte Amerika kunt zien liggen, daal ik af naar Los Quemados, waar ik op Jantine en Casper wacht.

De San Antonio vanaf de Teneguía


Het eerste deel van de wandeling voert ons over een breed pad over de flanken van de San Antonio. Als we de kegelvormige vulkaan ongeveer half rond gelopen zijn, steken we door een dal over naar de Teneguía. Na een aantal aardbevingen barstte de vulkaan eind 1971 uit. Indrukwekkende beelden van de uitbarsing zijn hier te zien. De vulkanische activiteit heeft geleid tot een zeer bijzonder landschap. Waar we ook kijken, de hele omgeving bestaat uit rode en grijze lavavelden. Op wat kleine struikjes na ontbreekt elke begroeiing. Na een flinke klauterpartij naderen we de top. Het weer laat het helaas wat afweten vandaag. Het is weliswaar niet koud, maar er staat een harde wind. Op een graatje naar het hoogste punt moeten we moeite doen om overeind te blijven. Casper vindt de gierende wind door zijn rugdrager maar niets en zet het op een huilen. Na een topfoto maken we snel rechtsomkeert en dalen af naar comfortabeler oorden. Tegen de tijd dat we bij de auto arriveren is de kleine man vredig in slaap gevallen.

Faro de Fuencaliente


Ik verruil mijn dagelijkse kloffie weer voor mijn fietskleren en begin aan de tweede fietsetappe van vandaag. Via Las Indias lus ik over een heerlijke weg de berghelling naar zee af. Beneden tref ik bananenplantages, afgezet met doek en muren. Het ziet er allemaal wat onvriendelijk uit. Bij de vuurtoren op de uiterste zuidpunt van het eiland daal ik af tot de waterlijn. De klim naar Los Canarios (Fuencaliente) vormt het fietshoofdgerecht van vandaag. Vanaf de vuurtoren slingert de weg door een kaal lavalandschap omhoog. De donkergrijze rotsen contrasteren mooi met het blauw van de Oceaan. Als ik hoger kom, neemt de begroeiing langzaam toe. Halverwege wordt het iets minder steil en kan ik lekker doorfietsen naar de top, die middenin het dorp ligt. Via dezelfde weg als vanochtend fiets ik over de kustweg weer terug.






Weg naar El Pilar



Dag 5: La Cumbrecita en El Pilar | 51 km, 1694 hm

> Hoogteprofiel
> Routekaartje

Vandaag is het weer de beurt aan Jantine om een lange tocht op de fiets te maken. Terwijl ik Casper vermaak, bedwingt zij de flanken van La Cumbrecita. Daarna fietst ze door naar El Pilar, wat nog eens 10 km extra klimmen betekent. Intussen heb ik met Casper in de Corsa de achtervolging ingezet. Halverwege de klim halen we Jantine bij. Na wat aanmoedigingen rijden we over de bochtige bosweg verder naar het recreatieterrein op de top. Al spelend in de speeltuin vliegt de tijd voorbij en voor we het weten komt Jantine ook boven.

Naar de Birigoyo

Op de kraterrand van de  Birigoyo


Na een lekkere lunch vertrekken we voor een wandeling naar de Pico Birigoyo. Deze kegelvormige vulkaan is de noordelijkste van de Cumbre Vieja, een bergketen die noord-zuid over het eiland loopt en die bestaat uit 120 vulkanen. De top van de Birigoyo geeft een briljant uitzicht op de rest van de Cumbre in het zuiden en de Caldera de Taburiente in het noorden. Langs de berghut van El Pilar klimmen we door een dennenbos omhoog. Over een mooi pad maken we een omtrekkende beweging om de berg. Helaas dringt de bewolking steeds verder op. Bij een uitzichtpunt op de Caldera is weinig te zien. Aan onze rechterhand ligt het grijze lavaveld Llano del Jable. Hoewel de uitbarsting van de vulkaan al meer dan 500 jaar geleden is, heeft de vegetatie zich nog steeds niet helemaal hersteld. Na een dik half uur lopen slaan we een smal kronkelend paadje in, wat steil omhoog loopt. Steenmannetjes wijzen de weg. De klim eindigt op de kraterrand van Birigoyo. Het wandelboekje spreekt van weidse uitzichten op La Gomera en Tenerife, maar ons zicht is inmiddels beperkt tot enkele tientallen meters. Over de rand stijgt de weg verder naar de kale top van de vulkaan. Ook hier geen overweldigende uitzichten op de Caldera en het hele halve eiland, maar slechts mist en nevel. Toch wel wat balend eten we snel een hapje, waarna we over de steile helling naar beneden zigzaggen. Terug bij de parkeerplaats van El Pilar stappen Casper en ik in een lekker warme auto. We hebben medelijden met Jantine, die per fiets door de dichte natte mist moet afdalen. Kort na elkaar arriveren we een half uurtje later bij het huisje.



Dag 6: Roque de los Muchachos | 115 km, 3900 hm

> Hoogteprofiel
> Routekaartje

Pfff... Wat een nacht. En dat precies voor mijn koninginnerit over een van de zwaarste beklimmingen die er zijn! We maakten de fout (ach ja) Casper na een lange, zielige en in huilen overgaande hoestbui bij ons in bed te nemen maar dat pakte verkeerd uit. Bumba en Sesamstraat op de iPad moest het zijn, maar slapen ho maar. Na bijna drie uur tobben parkeerden we hem toch maar weer heftig protesterend in zijn bedje. Een kwartier huilen later keerde de rust weer.


Rijkelijk laat voor een rit van een kleine 150 km door de bergen, draai ik mijn Scott om kwart voor 10 de weg op. Maar goed, nog steeds een dikke 8 uur te gaan tot het donker wordt, dus zonder al te veel tegenslag zou het moeten passen. Al na een dikke kilometer ligt de voet van eerste klim van de dag, die naar El Pilar . Op de venijnige Camino Cruz Chica gaat het er meteen heftig aan toe met een paar stroken tegen de 20%. Over de grote weg naar El Paso gaat het vervolgens een stuk makkelijker. Ik passeer de afslag naar La Cubrecita en sla verderop rechtsaf naar El Pilar. Eenmaal van de drukke weg af begint het genieten. De weg is smal en slingert door een bos omhoog. De ondergrond is bedekt met een dik tapijt naalden, die van de dennen naar beneden gekomen zijn. Net als gister is het ook nu erg vochtig hier. Voorbij een vulkaankegeltje opent het landschap zich. In de diepte ligt de kustvlakte. Opkomende wolken bederven ook vandaag helaas het uitzicht. Door het vulkaanzand van de Llano del Jable klim ik verder omhoog. Op de top, die even voorbij het recreatieterrein ligt, zet ik voor het eerst voet aan de grond voor een korte pauze.

Afdaling naar Santa Cruz


Tot Breña Baja gaat het steil naar beneden. Tussen de bomen door zijn schitterende doorkijkjes op Santa Cruz en de oostkust. Net als ik bedenk dat ik netjes op schema lig, voel ik dat mijn achterband lek is. De binnenband is snel vervangen, maar dan begint de ellende. Het meegeleverde pompje blijkt namelijk niet te werken. Mijn gepruts trekt de aandacht van een local, die hulp aanbiedt. Uit zijn huis aan de overkant van de weg haalt hij een grote elektrische pomp om autobanden mee op te pompen. Heel attent, maar dat gaat natuurlijk niet werken. Mijn redder is gelukkig niet zomaar uit het veld geslagen. Hij overtuigt me het wiel mee te geven, dan zal hij het bij de garage laten oppompen. Ik vertrouw hem wel, maar ben toch erg blij als ik hem in zijn blauwe auto met zijn hond en een hard opgepompt wiel weer zie verschijnen. Na een oponthoud van dik drie kwartier kan ik weer op weg. Ik besef dat ik geen enkele tegenslag meer kan gebruik, wil ik nog voor het donker binnen zijn. Als dat sowieso al gaat lukken. De afdaling naar Santa Cruz is spectaculair: met dik 20 haarspeldbochten in vier kilometer slingert de weg zich over een rug in het landschap naar beneden.

Op weg naar de Roque de los Muchachos


Dan de berg waar het vandaag allemaal om te doen is, de Roque de los Muchachos . Vanaf de boulevard van Santa Cruz naar ruim 2400 m. Om precies een uur begin ik aan de zwaarste klim uit mijn fietscarriere. Opgelucht dat het eindelijk begonnen is overwin ik de eerste hoogtemeters. Al snel ligt de zee een behoorlijk eind onder me. Na een aantal afslagen wordt het steeds stiller om me heen. Na vijf kilometer klimt de weg met een lange serie haarspeldbochten tegen een bergkam op. Aan mijn voeten liggen Santa Cruz, het vliegveld, en de oude vulkaankrater over de rand waarvan ik de stad ben ingedaald. Het klimmen gaat nog steeds erg goed. Ik probeer niet te forceren en geniet van de beklimming. Steeds als ik een auto hoor kijk ik om of het Jantine is, die me met Casper achterop rijdt. Zo maal ik de kilometers onder me weg en klim hoger en hoger. Op 1000 m, bij de Montaña Tagoja, vlakt het even af en steekt de weg over naar een naburig dal.

Op weg naar de Roque de los Muchachos


Op 1300 m hoogte komt Jantine langszij gereden met de lunch. Ik gun mezelf een kwartiertje pauze om te eten. In de Alpen nader je meestal de top wel na zo'n hoogteverschil, nu ben ik pas net over de helft. Een bizar gevoel. Vol goede moed en met nieuwe energie klim ik eenzaam verder. De weg is breed en goed onderhouden, maar er is vrijwel geen verkeer. Omdat het flink aan het afkoelen is heb ik bij de lunch meteen een thermoshirt aangetrokken. Alle loofbomen zijn inmiddels verdwenen. Rond 1800 m is voor de laatste keer Santa Cruz te zien. Jantine spot hier Tenerife, maar dat heb ik gemist. Niet veel verder wordt ook het naaldbos snel dunner.

Op weg naar de Roque de los Muchachos

Roque de los Muchachos


Ik kijk nu uit over de bewolkte noordkant van het eiland. Sneeuwresten verschijnen langs de kant van de weg. Weer honderd meter hoger fiets ik tussen prachtig gekleurde rotspartijen heen. Ik heb er alleen niet echt oog voor, want het is begonnen met regenen. Gegeven de lage temperatuur is dat een probleem, want mijn regenjack ligt thuis in Nederland. Langs de rand van de Caldera de Taburiente golft de weg een beetje op en neer. Voor de afslag naar de top van de Roque wordt de afdaling al serieus ingezet. Drijfnat en steenkoud arriveer ik bij de afslag. Hoewel ik mezelf wel begin af te vragen hoe dit eenzame avontuur zal gaan aflopen, begin ik toch aan de finale klim. Ik ben nu zo dicht bij de top en de pineut ben ik toch al. Met mijn natte en beslagen bril heb ik moeite de gaten in het nu slechte wegdek te ontwaren. Ik passeer een slagboom. Borden wijzen naar de verschillende telescopen. Door de mist zie ik er geen een. Het is toch nog bijna vier kilometer klimmen naar de top van het eiland. Gelukkig is het nu wel grotendeels droog. Bovengekomen valt er weinig te genieten. Het spectaculaire uitzicht is in de mist verborgen en het is er koud. Na een snelle topfoto raap ik al mijn moed bijeen en begin aan de lange afdaling. Maar he! Ik heb de Roque de los Muchachos beklommen!


In de afdaling begint het weer te regenen. Te hagelen zelfs! De temperaturen rond het vriespunt weten wel raad met mijn lichaamswarmte. Al slingerend ril ik de bochtige bergweg af. Gelukkig is er verder geen verkeer. Heel thuiskomen is nu de boodschap. In Hoya Grande, op 1150 m, zit het steile deel van de afdaling erop. Op de grote plaat de resterende 45 km naar huis rammen, zou nu het devies moeten zijn. Helaas zijn mijn lijf en bovenbenen zo door de kou aangetast, dat dat er niet meer in zit. Bovendien is het ook al half zes en voor het donker gaat het me zeker niet meer lukken. Dus bel ik Jantine en vraag of ze me op komt halen. Net thuis van een lange dag in de auto (ook dan is de Roque een zware klim!) gaat ze weer op pad. Ik fiets nog een stukje verder, maar bij de Repsol in Puntagorda gooi ik de handdoek.


Dankbaar neem ik even later mijn winterjas in ontvangst en neem plaats in een warme auto. Zo snel mogelijk rijden we terug naar het huisje. De fietsen moeten immers voor acht uur vanavond teruggebracht worden en het spant erom of we dat gaan halen. Uiteindelijk past alles net en zitten we om half negen aan de pasta. Wat een dag! Wat een klim! Maar de volgende keer gaat de regenkleding mee. Zeker weten!



Dag 7: Terugreis


Het is nog donker als we om even over zeven onze bungalow verlaten. De rit naar het vliegveld verloopt zonder problemen. Omdat het vliegtuig niet volgeboekt is krijgt Casper een eigen stoel. Dat is een hele verbetering ten opzichte van de heenweg, toen hij steeds bij een van ons op schoot moest. Tegen het avondeten zijn we weer thuis. Vanwege alle verkoudheidsperikelen was het geen perfecte vakantie, maar we zijn erg onder de indruk van La Palma. Het landschap is overweldigend en je kunt er heerlijk wandelen en fietsen. Hoewel het eiland niet heel groot is, hebben we nog genoeg bezienswaardigheden en uitdagingen laten liggen om nog eens terug te keren.